Diabetes type 1 en wondgenezing

Datum
Delen

De huid is een orgaan 

De huid is een orgaan dat ons omhult en specifieke functies heeft.

De eerste laag, de opperhuid, zorgt voor bescherming tegen verwondingen, het milieu (ultraviolette straling) en infecties (bacteriën, virussen, schimmels).

De opperhuid ligt op een tweede laag: de lederhuid. Deze laag bestaat uit elastische vezels (collageen), zenuwuiteinden (tastzin, pijnprikkel), bloedvaten (voedingselementen, immuniteit) en bevat de haarwortel en uitlopers daarvan. Het organisme regelt de inwendige temperatuur, door transpiratie voor afkoeling of door rillingen om warmte te produceren. 

Er worden hormonen aangemaakt in de huid, bijvoorbeeld vitamine D.

De huid is ook een relationeel orgaan: “ergens heelhuids vanaf komen, iemand op de huid zitten, een dikke huid hebben, enz.…¹”.

Welke soorten wonden zijn er?

De ‘acute wond’ is de meest voorkomende wond die binnen ongeveer drie weken geneest. 

Wanneer de genezing langer duurt (wond die al meer dan vier weken bestaat), spreken we van een ‘chronische wond’. Bijvoorbeeld: doorligplekken, zweren, diabetische voetwonden. We hebben dan vaak te maken met lokale of algemene factoren die de genezing vertragen.

Sommige wonden kunnen ‘urgent’ worden omdat ze een bedreiging vormen voor het leven of de werking van een orgaan. Deze wonden moeten daarom met spoed behandeld worden door een specialist. 

Wat is de reactie van de huid op een wond?

Een wond is een onderbreking van de continuïteit van weefsels als gevolg van een ongeval (verwonding, verbranding), een ziekte of een chirurgische ingreep. 

Een wond geneest in vier opeenvolgende fasen: een eerste fase is het stoppen van de bloeding (hemostase), een tweede het reinigen van de weefsels (ontsteking), een derde het sluiten en herstellen van de huid (granulatie en samentrekking) en een laatste de afwerking en terugkeer van de weerstand van de huid (rijping), die ongeveer een jaar duurt².

Welke elementen kunnen de genezing beïnvloeden?

De factoren die invloed hebben op de genezing kunnen in vier categorieën worden onderverdeeld: 

  • Factoren verbonden aan de patiënt (leeftijd, ziektes zoals diabetes type 1, overgewicht, ondervoeding, meerdere pathologieën, behandelingen, pijn, psychologie, (mee-)roken); 
  • Factoren verbonden aan de wond (duur van de ontwikkeling, plaats van de wond, grootte, diepte, doorbloeding, uiterlijk, infectie, reactie op behandeling); 
  • Vaardigheden en kennis van de gezondheidszorgprofessionals; 
  • Middelen en factoren verbonden aan de behandeling (gezondheidssysteem, beschikbaarheid, vergoeding, sociale isolatie).

Een vertraagde wondgenezing kan zich voordoen als een of meerdere factoren onvoldoende aangepakt worden tijdens het genezingsproces, zoals bijvoorbeeld diabetes type 1³.

Waarom vertraagt diabetes type 1 de wondgenezing? 

Bij mensen met diabetes kan chronische hyperglycemie zorgen voor een vertraagde wondgenezing en de vorming van chronische wonden. Hyperglycemie beïnvloedt namelijk de werking van de cellen betrokken bij het genezingsproces en zorgt voor een verlaging van hun activiteit. 

Is het belangrijk om een evenwichtig diabetes type 1 te hebben voor een goede wondgenezing na een operatie?

Afgezien van de chronische complicaties van diabetes die tijdens de operatie kunnen optreden, is het risico in de postoperatieve periode dat er tijdens of na de operatie een infectie optreedt hoger dan bij de gemiddelde bevolking. 

Het medisch personeel doet dus zijn uiterste best om de glycemie goed onder controle te houden, bij de opname van de patiënt, tijdens de anesthesie, de operatie en in de herstelfase. Het kan daarom nodig zijn via een infuus of onderhuids insuline toe te dienen of de insuline aan te passen volgens vastgelegde protocollen. 

We herinneren eraan dat zelfs als diabetes type 1 goed onder controle is, de plotselinge chirurgische ingreep kan zorgen voor metabolische stress die een hyperglycemie kan verergeren. 

De voorgestelde glycemische doelstellingen voor de perioperatieve periode zijn nu algemeen vastgesteld en beogen een verlaging van de glucosespiegel tussen de 80 en 180 mg/dl (cf. ADA 2020). Behalve in uitzonderlijke gevallen is het dus niet raadzaam om in deze periode een strengere glycemische doelstelling na te streven om het risico van meer hypoglycemieën te vermijden, die dan een nadelig effect zouden kunnen hebben, vooral op cardiovasculair vlak.  

BIBLIOGRAFIE.

¹Plaies et cicatrisations de S.Meaume, L.Téot, O.Dereure. Elsevier Masson (2 november 2005)

²Kane D. Chronic wound healing and chronic wound management. In: Krasner D, Rodeheaver GT, Sibbald RG, editors. Chronic Wound Care: A Clinical Source Book for Healthcare Professionals. 4th ed. Wayne: Health Management Publications; 2006. p. 11–24.

³Plaies difficiles à cicatriser : une approche globale. EWMA. 2008 https://ewma.org/fileadmin/user_upload/EWMA.org/Position_documents_2002-2008/French_EWMA_Hard2Heal_2008.pdf

Meer over dit onderwerp

Onze aanbevelingen