Kou en hooggelegen gebieden: hoe beheer je het beste je diabetes type 1?

Datum
Delen

De wintervakantie komt eraan. Ga naar de bergen! Hier volgen enkele handige tips om diabetes type 1 in hooggelegen gebieden te beheren en volop van de wintersport te genieten, zelfs bij extreme omstandigheden. Alles schuss!!! ⛷❄

Diabetes type 1 in hooggelegen gebieden: de effecten van kou en zuurstofdaling 

In hooggelegen gebieden is de behoefte aan energie groter. Door de kou raken de lichaamsreserves uitgeput en verbrandt het lichaam meer energie om zich warm te houden en heeft het moeite om zich te hydrateren vanwege de droogheid van de lucht. Het risico op een hypoglykemie wordt dus verhoogd en dit moet extra in de gaten gehouden worden wanneer je diabetes type 1 hebt en aan wintersport – zoals skiën, snowboarden en bergbeklimmen – doet of gewoon wanneer je in de sneeuw of buiten speelt, want dan is de energiebehoefte hoger. Er bestaat dan een risico op ernstige hypoglykemie die je wel kunt voorkomen door je dosis insuline te verlagen.

Bovendien wordt zuurstof zeldzamer naarmate je hoger komt in hoger gelegen gebieden. De beschikbare hoeveelheid zuurstof voor de lichaamsbehoeften neemt af. Dit wordt ook wel hypoxie (zuurstoftekort) genoemd. Het eerste gevolg is hoogteziekte. Dit vertaalt zich in onder meer hoofdpijn, misselijkheid, overgeven en duizeligheid. Deze symptomen zijn gemakkelijk te verwarren met die van een hypoglykemie. Wees hierbij vooral alert op een gebrek aan eetlust door de hypoxie waardoor het moeilijker wordt om de balans bij diabetes type 1 te vinden. Om dit verschijnsel tegen te gaan, is er een oplossing: regelmatig iets tussendoor eten, ook als je geen honger hebt!

Tot slot zorgt de kou in de bergen voor een vaatvernauwing in de huid, waardoor de insuline mogelijk met vertraging opgenomen wordt. Bij een hypoxie scheidt het lichaam ook meer adrenaline en contraregulerende hormonen (waaronder glucagon) uit, waardoor insulineresistentie ontstaat.

Enkele adviezen om je diabetes type 1 in hooggelegen gebieden te beheren:

  • Als je een autoreis plant, bereid je dan voor op mogelijke verkeersproblemen: neem voldoende medicijnen, eten en drinken mee. Neem ook het doktersrecept en de gegevens van je arts mee en ook iets om je te bedekken bij kou voor als de temperatuur sterk daalt.
  • Pas je dosis insuline aan de toename van je lichamelijke activiteit aan. Omdat je meer energie verbruikt, daalt je behoefte aan insuline. Zo kun je bijvoorbeeld een dagje skiën met een iets hogere bloedsuikerspiegel starten dan normaal. Neem genoeg koolhydraten in gedurende de dag in de vorm van kleine tussendoortjes.
  • Vergeet niet om je bloedsuikerspiegel tijdens en na de inspanning te meten en vooral voordat je gaat slapen. Houd indien mogelijk een diabetesdagboek bij voor de sport.
  • Bescherm al je materiaal voor diabetescontroles.

Een hogere energiebehoefte in de bergen

Wanneer je met diabetes type 1 leeft, is een bepaalde oplettendheid in hooggelegen gebieden wat voeding betreft vereist. In hooggelegen gebieden is de energiebehoefte van het lichaam groter en vooral de behoefte aan koolhydraten. Bij een matige inspanning zoals een trektocht verbruik je 60 tot 80 gram koolhydraten per uur. Dit energieverlies moet je, vanaf het begin van de inspanning, compenseren door een externe toevoer met 30 tot 40 gram per uur.

https://www.instagram.com/p/BdQVuBLlGVz/

Om een daling van de bloedsuikerspiegel te voorkomen, kun je bijvoorbeeld de volgende voedingsmiddelen meenemen: 

  • Energiedrankjes: 60 tot 80 gram koolhydraten per liter
  • Vruchtensappen: 80 tot 120 gram per liter
  • Banaan: 20 gram
  • Appel: 15 gram
  • Graanreep: 14 tot 18 gram
  • Energiegel: 15 tot 30 gram per portie

Let op bij de controlematerialen voor diabetes! 

De kou in de bergen kan tot vertraging in de opname van insuline leiden. De hoogte zelf kan resistentie veroorzaken. Naast deze variabelen waarmee je rekening moet houden, is het niet altijd gemakkelijk om de injectiezone te vinden onder het skipak en de vele kledinglagen. Aangeraden wordt om de insuline op een temperatuur tussen 2 en 8°C te bewaren om te voorkomen dat het bevriest en onbruikbaar wordt. Gebruik hiervoor gerust een thermische tas. NB: boven 3.000 meter wordt het gebruik van een glucosemeter als minder betrouwbaar beschouwd (onder- en overschatting van de bloedsuikerspiegel).

Voor de dappersten onder ons die aan bergbeklimmen gaan doen, is het gebruikelijk om drie keer de benodigde hoeveelheid medicijnen en andere materialen mee te nemen om een geval van hyperglykemie of hypoglykemie te voorkomen. Zorg voor:

  • Insuline
  • Naalden, lancetten en teststrips
  • Bloedglucosemeters (met reservebatterijen)
  • Urinestrips (bij het ontbreken van meetapparatuur)
  • Koolhydraten (met snelle en langzame opname)
  • Glucagonsets
  • Een verklaring van je arts

Zoals je al begrepen hebt, vraagt het combineren van diabetes type 1 en een verblijf in hooggelegen gebieden een bepaalde striktheid en oplettendheid om zonder complicaties van de bergen te genieten. Om op elk geval voorbereid te zijn, word je sterk aangeraden om informatie over de toegang en het vervoer naar ziekenhuizen op te zoeken.

Meer over dit onderwerp

Onze aanbevelingen