Diabetes en intermittent fasting: hoe je het vasten beheert met DT1

Datum
Delen

Om religieuze, filosofische of persoonlijke redenen gaan veel mensen vasten. Hier volgen enkele tips om diabetes en intermittent fasting op de juiste wijze te beheren.

Vasten, dat als een eeuwenoude methode van zelfgenezing wordt gezien, is steeds vaker onderwerp van gesprek. De reden hiervoor? Aan vasten worden talrijke weldaden toegeschreven: zoals rust voor het spijsverteringsstelsel, verwijdering van gifstoffen en zuivering van het lichaam. Maar vasten en daarmee het omgooien van het voedingspatroon stellen het lichaam echter zwaar op de proef. Dat geldt voor iedereen en wellicht nog meer voor mensen met DT1.

Dus kun je aan intermittent fasting doen met diabetes type 1? Welk soort vasten? Van welke risico’s moet je op de hoogte zijn? Ontdek alles wat je moet weten voordat je eraan begint!

Soorten intermittent fasting

Het algemene principe van intermittent fasting is om een beperkte tijd niet te eten (enkele uren of enkele dagen) maar wel niet-calorische dranken te blijven drinken (zoals water, thee en koffie zonder suiker, of bouillon). Vanuit medisch oogpunt begint vasten vanaf het zesde uur na de laatste maaltijd. Dus je vast al, zonder het te weten, door ’s nachts te slapen!

We onderscheiden 3 hoofdvormen van vasten:

  • Alternatief vasten: dit bestaat uit dagen waarop je zonder beperking kunt eten en vasten op een of meer dagen per week. Dit zijn bijvoorbeeld de beroemde detoxkuren na een feestweekend of tijdens een dieet.
  • Anders vasten: dit wordt ook wel vasten 5:2 genoemd en wordt twee dagen per week gedaan gedurende een periode van 12 tot 24 uur. Het hoofddoel is om de calorische inname met ongeveer 25% te verminderen.
  • Fasting: Waarschijnlijk de meest bekende vorm van intermittent fasting is een methode die bestaat uit het samenvoegen van de voedingsinname in één periode van de dag. Het 16/8-dieet, dat vooral populair is bij sporters, komt overeen met 16 uur dagelijks vasten.

Verder is er ook:

  • Het vasten met de ramadan: dit duurt elk jaar een maand en hierbij mag er, onder andere, van zonsopgang tot zonsondergang niet gegeten en gedronken worden. Je eet dus alleen ‘s nachts.
  • Koolhydraatvasten: als je diabetes hebt, dan ken je zeker deze vorm van intermittent fasting. Met deze vorm van vasten, die vooral in het ziekenhuis plaatsvindt, kun je nauwkeurig de dagelijkse insuline behoefte van de persoon bepalen. Het gaat om een essentiële stap bij het leren omgaan met functionele insulinetherapie  voor personen met  insuline-afhankelijke diabetes  (DT1).

Diabetes en ramadan: met welke voedingsmiddelen kan het vasten worden onderbroken?

Elke persoon heeft een andere stofwisseling. Hierdoor is de samenstelling van de maaltijden om het vasten te onderbreken voor iedere persoon anders. Zoals bekend wordt de vastenperiode bij de ramadan over het algemeen onderbroken door maaltijden waarbij suiker en vet een grote rol spelen. Als je diabetes hebt, kan het bij deze vorm van intermittent fasting best ingewikkeld zijn om je  bloedsuikerspiegel  te beheren! Ondanks het beperken van tussendoortjes (zoals gebak en koekjes), veel niet-gesuikerde dranken drinken en je bloedsuikerspiegel nauw in de gaten houden, kun je toch van deze gezellige momenten genieten en de risico’s beperken.

Over het algemeen word je op voedingsgebied aangeraden om:

  • de voorkeur te geven aan gezonde bereidingsmethoden (zoals ovenbereidingen, stomen en grillen)
  • voedingsmiddelen uit elke voedingsgroep (fruit en rauwe en gekookte groente, zetmeelhoudende en eiwitrijke producten en zuivelproducten) te eten
  • de voorkeur te geven aan peulvruchten (zoals linzen en kikkererwten) en complexe koolhydraten  (zoals zilvervliesrijst en volkorenbrood)

Diabetes en intermittent fasting: de te nemen voorzorgsmaatregelen

In theorie is intermittent fasting te combineren met DT1 mits er geen contra-indicatie is in verband met de behandeling van diabetes of andere ziektes. Voordat je hieraan begint, is het dus van cruciaal belang om je diabetoloog om advies te vragen waarmee jij de beste strategie voor jou kunt bepalen.

Het is sterk aanbevolen om de bloedsuikercontrole met je apparaten voor diabetesbeheer (zoals een glucosemeter, insulinepomp of insulinepen) te versterken om de risico’s voor te zijn. Deze zijn voornamelijk:

  • hypoglykemie
  • hyperglykemie
  • ketoacidose
  • uitdroging

Als je diabetes hebt en intermittent fasting wilt uitproberen, onderbreek dan gerust het vasten als de bloedsuikerspiegel te laag is en vooral lager dan wat door de arts is bepaald, of als er tekenen van een hypoglykemie of hyperglykemie merkbaar zijn. En neem altijd je favoriete suikerboost mee om een hypo meteen te kunnen behandelen!

Onze aanbevelingen